Je weet rationeel dat het voorbij is.
Je weet misschien zelfs dat die relatie helemaal niet goed voor je was.
En tóch kijk je op je telefoon. Tóch denk je steeds aan die ene persoon. Je slaapt slechter, hebt minder rust in je lijf en krijgt ineens trek in chocola, wijn of alles wat maar even een prettig gevoel geeft.
Dan hoor je vaak: je moet het gewoon loslaten.
Daar heb ik eerlijk gezegd niet zoveel mee.
Want als loslaten alleen een kwestie van besluiten was, zou niemand weken of maanden wakker liggen van een verbroken relatie.
Liefdesverdriet zit namelijk niet alleen in je gedachten. Je hele zenuwstelsel doet mee.
waarom een relatiebreuk lichamelijk pijn kan doen
We maken vaak een kunstmatig onderscheid tussen lichamelijke en emotionele pijn.
Je snijdt in je vinger: lichamelijk.
Iemand van wie je houdt wijst je af: emotioneel.
Maar je hersenen maken dat onderscheid lang niet zo netjes.
Bij sociale afwijzing worden hersensystemen actief die ook betrokken zijn bij pijn, stress en beloning. Daarnaast spelen je eigen opioïden — waaronder endorfinen — een rol bij verbinding, sociale veiligheid en het dempen van pijn.
En daar wordt het interessant.
Wanneer iemand langere tijd belangrijk voor je is, gaat die persoon onderdeel uitmaken van de manier waarop jouw zenuwstelsel zich reguleert.
Een stem.
Een berichtje.
Een arm om je heen.
Samen eten.
Weten dat iemand er vanavond weer is.
Je brein koppelt dat allemaal aan vertrouwdheid en veiligheid.
En dan stopt het.
Van de ene op de andere dag is die bron van vertrouwdheid verdwenen, terwijl je brein hem nog wel verwacht.
Dat is een van de redenen waarom liefdesverdriet soms bijna op ontwenningsverschijnselen lijkt.
Je verstand weet dat de relatie voorbij is.
Je biologie zoekt nog steeds naar wat er gisteren wel was.
waarom de één sneller loslaat dan de ander
Dan krijg ik meteen een andere interessante vraag:
Waarom is de ene persoon drie weken verdrietig, terwijl iemand anders maandenlang volledig ontregeld raakt?
Dat heeft niet alleen met karakter te maken.
Onze reactie op verlies wordt mede gevormd door eerdere ervaringen, stressregulatie en waarschijnlijk ook door epigenetische processen.
Epigenetica gaat niet over het veranderen van je DNA zelf, maar over de vraag welke genen harder of zachter worden afgelezen.
Een interessant voorbeeld is het POMC-gen.
Uit POMC worden verschillende stoffen gevormd, waaronder bèta-endorfine. Onderzoek laat zien dat vroege stress en jeugdervaringen samen kunnen gaan met veranderingen in de regulatie van POMC en andere systemen die betrokken zijn bij stress.
Dat betekent niet dat er zoiets bestaat als één verlatingsangst-gen.
Zo simpel werkt het niet.
Maar het laat wel iets belangrijks zien:
wat je hebt meegemaakt kan invloed hebben op de manier waarop je zenuwstelsel later op verlies en verbinding reageert.
En dat verklaart ook waarom zeggen “stel je niet zo aan” ongeveer het minst behulpzame advies is dat je iemand kunt geven.
soms voelt juist nabijheid onveilig
Er gebeurt nog iets vreemds.
Sommige mensen verlangen enorm naar verbinding, maar raken juist onrustig zodra iemand echt dichtbij komt.
Dan ontstaat een soort jojo-effect.
Eerst veel aantrekkingskracht.
Dan verbinding.
Dan paniek.
Afstand nemen.
Iemand weer missen.
Toch teruggaan.
En vervolgens begint hetzelfde opnieuw.
Binnen de neurobiologie en integratieve epigenetica kun je dat bekijken als een zenuwstelsel dat nabijheid niet volledig met veiligheid heeft leren verbinden.
Je wilt de ander dichtbij.
Maar ergens in je systeem gaat tegelijkertijd een alarm af.
Dat vind ik een veel interessantere verklaring dan meteen zeggen dat iemand bindingsangst heeft en het daarbij laten.
Want als je begrijpt wat er biologisch gebeurt, kun je ook kijken hoe je dat systeem beter kunt ondersteunen.
anandamide: leren dat het gevaar voorbij is
Een tweede systeem waar ik bijzonder in geïnteresseerd ben, is het endocannabinoïde systeem.
Een van de stoffen daarin heet anandamide.
Anandamide speelt onder andere een rol bij stressregulatie en het afzwakken van aangeleerde angstreacties.
Dat laatste is belangrijk.
Stel dat je iedere ochtend een bericht van iemand kreeg.
De relatie stopt.
Je wordt wakker.
Je pakt automatisch je telefoon.
En nog voordat je bewust hebt nagedacht, voel je die steek.
Dat is een aangeleerde reactie.
Hetzelfde kan gebeuren bij:
- een liedje
- een restaurant
- een geur
- een bepaalde straat
- een foto
- een melding op je telefoon
Je hoeft die herinneringen niet uit je hoofd te wissen.
Je hersenen moeten iets anders leren:
ik herinner me dit, maar er is op dit moment geen gevaar.
In de neurowetenschappen noemen we dat fear extinction: de oude herinnering verdwijnt niet, maar de alarmreactie die eraan gekoppeld is wordt steeds zwakker.
En precies daarin speelt het endocannabinoïde systeem een interessante rol.
kan voeding daarbij helpen?
Hier wordt het voor mij praktisch.
Want verdriet hoef je niet weg te slikken met supplementen.
En ik geloof ook niet dat je een verbroken relatie kunt behandelen met één potje pillen.
Maar je kunt je zenuwstelsel wél betere voorwaarden geven om te herstellen.
kaempferol
Een interessante plantaardige stof is kaempferol.
Kaempferol zit bijvoorbeeld in broccoli, boerenkool, kappertjes en sommige andere groenten en kruiden.
In laboratoriumonderzoek blijkt kaempferol het enzym FAAH te kunnen remmen.
FAAH breekt anandamide af.
Minder snelle afbraak van anandamide is neurobiologisch interessant omdat sterkere anandamidesignalering betrokken is bij stressregulatie en het uitdoven van angstreacties.
Maar hier wil ik wel precies blijven.
We kunnen op basis van dat onderzoek niet zeggen:
neem kaempferol en je bent over je ex heen.
Zo werkt wetenschap niet.
Ik zie het liever als een van de voedingsstoffen waarmee we mogelijk de biologische omstandigheden ondersteunen waarbinnen herstel kan plaatsvinden.
apigenine
Ook apigenine vind ik interessant.
Het komt onder andere voor in peterselie, selderij en kamille.
Apigenine wordt onderzocht vanwege effecten op onder meer GABA, stressregulatie, neuro-inflammatie en neuroplasticiteit.
GABA is een belangrijke remmende neurotransmitter. Simpel gezegd: het helpt je hersenen om niet voortdurend op vol vermogen te blijven vuren.
En dat is precies wat iemand met veel piekeren soms nodig heeft.
Niet nóg meer analyseren.
Maar een zenuwstelsel dat af en toe weer gewoon uit de alarmstand komt.
en dan iets heel ingewikkelds: ga naar buiten
Ik kan natuurlijk een ingewikkeld verhaal schrijven over receptoren, enzymen en neurotransmitters.
Maar soms is een van de beste interventies verrassend simpel.
Loop het bos in.
Boswandelingen en zogenoemd forest bathing worden in onderzoek in verband gebracht met minder ervaren stress, minder angst en tijdelijke dalingen van cortisol.
Bomen produceren bovendien vluchtige stoffen die phytoncides worden genoemd. Er wordt onderzocht of deze mede bijdragen aan de effecten die verblijf in een bos op ons lichaam heeft.
Of een boswandeling letterlijk je amygdala repareert?
Dat zou ik niet beweren.
Maar ik durf wel te zeggen dat een uur tussen de bomen voor een overprikkeld brein meestal een slimmer experiment is dan een uur naar WhatsApp kijken of iemand al online is.
pas op voor de snelle dopamine-oplossingen
Hier gaat het na liefdesverdriet vaak mis.
Je voelt leegte.
En je brein wil die leegte zo snel mogelijk oplossen.
Dus krijg je ineens enorme behoefte aan:
- suiker
- chocola
- alcohol
- junkfood
- eindeloos scrollen
- datingapps
- steeds opnieuw foto’s bekijken
- tóch nog één bericht sturen
Dat heeft een logica.
Je brein zoekt een snelle verandering in hoe je je voelt.
Alleen train je jezelf daarmee ook iets aan.
Elke keer als ik deze emotie voel, moet ik eraan ontsnappen.
En dat helpt uiteindelijk niet bij loslaten.
Juist het tegenovergestelde is nodig.
Je zenuwstelsel moet opnieuw ervaren:
ik kan dit gevoel hebben zonder dat ik eraan onderdoor ga.
Dat is herstel.
wat zou ik zelf als eerste aanpakken?
Niet alles tegelijk.
Ik zou beginnen met de biologie zo stabiel mogelijk te maken.
Denk aan:
- voldoende eiwitten en volwaardige voeding
- regelmatige maaltijden in plaats van de hele dag snaaien
- voldoende slaap
- daglicht en beweging
- dagelijks naar buiten
- alcohol tijdelijk beperken
- niet iedere stressreactie oplossen met suiker
- afstand nemen van prikkels die je obsessief opnieuw activeren
En vooral: verwacht niet van jezelf dat je binnen drie dagen niets meer voelt.
Loslaten is geen knop.
Het is een leerproces van je brein.
kan ik dit zelf?
Voor een normale rouwreactie na het einde van een relatie kan dat vaak prima.
Goed eten, slapen, bewegen, mensen zien, nieuwe ervaringen opdoen en je zenuwstelsel niet voortdurend opnieuw activeren zijn allemaal dingen die je zelf kunt beïnvloeden.
Blijf je echter maandenlang extreem angstig, slaap je nauwelijks, functioneer je niet meer of merk je dat oude trauma’s volledig worden opengetrokken, dan is alleen voeding niet genoeg.
Dan moet je breder kijken.
En dat vind ik belangrijk om erbij te zeggen.
Voeding is krachtig.
Maar voeding is niet voor ieder probleem de volledige behandeling.
wat heeft dit met nederland slank te maken?
Meer dan je misschien denkt.
Bij Nederland Slank kijken we niet alleen naar kilo’s.
Ik wil begrijpen waarom je lichaam doet wat het doet.
Stress, slaap, insuline, voeding, neurotransmitters en je hormonale systeem beïnvloeden elkaar voortdurend.
Wie chronisch gestrest is, slecht slaapt en de hele dag zijn beloningssysteem probeert te repareren met suiker en snelle koolhydraten, krijgt een totaal andere metabole situatie dan iemand die goed gereguleerd is.
Daarom beginnen we bij Nederland Slank niet met:
eet gewoon minder.
We kijken naar je metabolisme, je bloedwaarden, je voeding en waar nodig ook naar de neurobiologie die je gedrag aanstuurt.
Dat kost ook inzet van jouw kant.
Ik kan je lichaam niet voor je herstellen.
Maar ik kan wel veel gerichter laten zien waar je kunt beginnen.
Wil je weten wat jouw lichaam nodig heeft om weer beter te reguleren? Plan dan een intake bij Nederland Slank. Dan kijken we niet alleen naar wat je eet, maar naar wat er biologisch achter je klachten en je eetgedrag gebeurt.